| ,,…LAAT LOS EN GIJ
ZULT LOSGELATEN WORDEN"
Lucas 6: 37
Een enkele keer overvalt het
je. Het gevoel dat er op hetzelfde moment iemand is die je
nabijheid nodig heeft.
Op een dag was ik er absoluut
zeker van: ik moet nu direct naar die en die.
Ik belde aan, ze deed open, zei vrijwel niets. Ik merkte en
voelde dat ze in een diep dal zat.
Het was ook zo. Zo depressief dat ze niet in staat was iets
duidelijk te maken.
Ik zat een poosje bij haar, bad met haar en vertrok met de
belofte dat ik de volgende dag terug zou komen.
De dag erna zei ze dat ik precies op tijd was gekomen. Ze had
in de put gezeten, echt op de bodem. Met zo' n dof gevoel van
verlorenheid dat ze niets had kunnen ondernemen, niet had
kunnen denken en praten. Ze was totaal ten einde raad geweest.
Die paar woorden en vooral het gebed had een beetje lucht
gegeven.
,,Ze", bejaard, weduwe, was altijd wat zwaarmoedig
geweest. Maar nu was het buitensporig geworden.
,,Is er een aanleiding?", vroeg ik. ,,Is er iets dat u
het de laatste tijd extra moeilijk maakte?"
Toen kwam het verhaal. Er waren problematische dingen geweest
in haar leven, in haar huwelijk. Maar ze waren niet
allesbeheersend geweest, bovendien was ze veel vergeten.
Ze zei heel treffend: je geheugen is net een kleed dat
opgerold wordt. Het oprollen begint bij het eind van je leven
tot je bij het begin van het kleed komt: je jeugd.
Het gíng om iets uit haar jeugd.
Als klein kind had ze met een
jonger zusje bij een beek gespeeld. Het zusje was van de kant
naar beneden gegleden en in het water geraakt.
Het was gaan huilen en schreeuwen en in paniek was zij, het
oudere zusje, weggerend om hulp te halen. Het had te lang
geduurd en het zusje was verdronken.
,,Was ik nou maar gebleven, dan had ik haar vast omhoog kunnen
trekken en haar kunnen redden. Ik was het allemaal vergeten,
maar de laatste tijd komt het iedere keer terug: het beeld
van Greetje, half in het water en dat vreselijke schreeuwen.
Ik hoorde het iedere nacht de laatste tijd en ik dacht dat ik
er gek van werd."
Ze was wat omhoog gekrabbeld uit de put en nu konden we goed
praten.
Ik zei haar dat herinneringen
demonen kunnen zijn die je vastketenen en kwellen tot je
kracht het begeeft. Maar er is een woord van Jezus (in Lucas 6
vers 37) ,,…laat los en ge zult losgelaten worden."
Loslaten, achter je laten wat gebeurd is aan schokkende
gebeurtenissen en benauwende herinneringen… gaat dat zomaar?
Was het maar waar! Maar het is
ook niet zo dat we noodlottig gebonden zijn aan moeilijke en
duistere dingen die er in ons leven gebeurd zijn.
,,Laat los!" - gebiedende wijs. Je moet je ervoor
inzetten, ervoor knokken.
En als dat moeite geeft dan is er déze raad: ,,Weest in geen
ding bezorgd, maar laten bij alles uw wensen door gebed en
smeking bekend worden bij God." (Filippenzen 4: 6). En
dan het vervolg: ,,En de vrede Gods, die alle verstand te
boven gaat, zal uw harten en uw gedachten behoeden in Christus
Jezus."
|
|