KEES GROET ’S MORGENS DE
DINGEN
(naar ,Marc groet ’s morgens de dingen’ van Paul van
Ostaijen)
Dag meneer, met je kalende
bol en je ochtendgezicht.
Dag brillekebril met de variluxglazen.
Dag werkloos gebit in je kommetje-kom.
Dag pillekepil om het bloed te verdunnen,
het vet te weren, de darmen te smeren.
Dag minuscuul maar onmisbaar gehoortoestel.
Alles op, alles in, we staan weer paraat.
Dag krant met je bladzij: ,,Bedroefd maar dankbaar.”
We staan monter weer op, staan voor alles weer klaar.
Bij het zien van twee van
onze (geadopteerde) kleinzoons
Hoe onnaspeurlijk zijn de
wegen van de Heer…
twee blote, Taiwanese jongetjes
zingen hier psalmen, tot zijn eer.
Onder de douche, je weet niet wat je hoort
en wat je ziet –
en reken maar dat de Heer
voor honderd procent geniet.
Sommige mensen…
waren ze gezond
dan hielden ze misschien hun mond.
Maar dankzij hun gebreken en hun kwalen,
zitten ze iedereen aan de kop te malen